Rustig bospad met zacht zonlicht dat staat voor herstel, rust en het hervinden van balans bij stress

Stress in het lichaam: symptomen, oorzaken en herstel

Stress in het lichaam: symptomen, oorzaken en herstel

Stress wordt vaak gezien als iets mentaals. Een volle agenda, veel verantwoordelijkheden of het gevoel dat er te weinig tijd is. Toch speelt stress zich vooral af in het lichaam.

Je lichaam reageert namelijk voortdurend op wat je meemaakt. Ook wanneer je zelf denkt dat het wel meevalt. Het zenuwstelsel registreert spanning en past zich daarop aan.

Stress betekent voor iedereen iets anders. De ene persoon ervaart stress bij werkdruk of deadlines, terwijl een ander juist energie krijgt van diezelfde situatie.

Toch reageert het lichaam op stress altijd via dezelfde fysiologische systemen.

Veel mensen die langere tijd spanning ervaren herkennen lichamelijke signalen zoals vermoeidheid, gespannen schouders, een opgejaagd gevoel of slecht slapen. Soms is er geen duidelijke medische oorzaak te vinden. Het lichaam laat dan via signalen zien dat het onder druk staat.

In dit artikel lees je wat stress in het lichaam doet, welke symptomen vaak voorkomen en hoe herstel kan beginnen.


Wat gebeurt er bij stress in je lichaam?

Stress is in de basis een gezonde reactie. Wanneer je een uitdagende of bedreigende situatie ervaart, activeert je lichaam het stresssysteem. Het sympathische deel van het zenuwstelsel wordt actief. Je hartslag stijgt, je ademhaling versnelt en je spieren spannen zich aan. Het hormoon cortisol komt vrij om je alert te houden.

Zo word je lichaam alert en krijgen je spieren alle energie die het nodig heeft om bijvoorbeeld te rennen. Maar ook wanneer je niet letterlijk hoeft te rennen, kan een stressvolle situatie dit proces in werking zetten in je lichaam. In zo’n moment is die stressreactie uiterst nuttig en vaak kortdurend.

Daarna is het de bedoeling dat je lichaam weer naar het parasympathische gedeelte terug kan schakelen. Naar de rust.

In het autonome zenuwstelsel heb je twee takken: de parasympathicus en de sympathicus. De sympathicus gaat over actie en stress, en de parasympathicus over rust en herstel.

In de actie- en stressfase bereidt je lichaam zich voor op gevaar, waardoor je hartslag, ademhaling en bloeddruk omhooggaan om je spieren te voorzien van energie, zodat je snel in beweging kunt komen.

In de rustfase zie je juist dat je hartslag, ademhaling en bloeddruk naar beneden gaan, zodat het lichaam zich kan bezighouden met andere processen, bijvoorbeeld het verteren van voedsel.

Het beste voor je spijsvertering is dan ook om de tijd te nemen voor je eten en bijvoorbeeld niet te eten terwijl je naar je werk loopt. Want waar moet de energie dan heen? Je darmen of je spieren? Beide zijn even belangrijk.


Maar wat is stress nou echt?

Ik denk dat als je om je heen vraagt wat een stressvolle situatie is, je van iedereen wat anders te horen krijgt.

De een krijgt juist stress wanneer de werkdruk hoog is en de deadline dichterbij komt. Voor een ander kan dit juist nodig zijn om in actie te komen en vindt diegene dit heerlijk.

Of bijvoorbeeld: de ene persoon is graag in een drukke ruimte, bijvoorbeeld een feestje met veel mensen en harde muziek, terwijl de ander dit liever vermijdt en liever een rustigere plek opzoekt.

Stress is dus voor ieder persoon anders, afhankelijk van iemands temperament en de vier natuurkwaliteiten. Binnen de natuurgeneeskunde wordt vaak gekeken naar vier natuurkwaliteiten: Warm, Koud, Vocht en Droog. Deze kwaliteiten beschrijven verschillende manieren waarop een systeem kan bewegen. Je ziet ze terug in de natuur, maar ook in hoe mensen reageren op situaties.

Warm en Koud vormen samen één as.

Warm heeft te maken met actie, beweging en naar buiten treden.

Koud heeft meer te maken met vertragen, terugtrekken en naar binnen keren.


Vocht en Droog vormen een tweede as.

Vocht heeft te maken met verbinden, meebewegen en afstemmen.

Droog heeft meer te maken met structuur, afbakening en overzicht.

Iedereen beweegt op zijn eigen manier tussen deze kwaliteiten. Sommige bewegingen kosten energie, andere geven juist energie. Wanneer iemand langdurig tegen zijn natuurlijke beweging in leeft, kan dat spanning of stress geven.

Iemand die van nature graag naar de natuurkwaliteit Droog beweegt, kan misschien heel goed met een planning werken, terwijl iemand met de natuurkwaliteit Vocht stress krijgt van een planning. Iemand die meer naar Vocht beweegt, wil misschien veel liever kijken en voelen wat de dag brengt en ziet dan wel wat er wordt gedaan. Voor iemand die meer naar Droog beweegt kan dit stress geven, omdat structuur en overzicht dan wegvallen.

Bij de natuurkwaliteiten Warm en Koud geldt hetzelfde. Iemand die van nature meer naar Koud beweegt vindt het misschien fijner om zelfstandig of in een kleine groep te werken en krijgt stress als diegene leiding moet geven aan een heel team. Andersom kan iemand die van nature naar Warm beweegt stress krijgen als diegene de hele dag zelfstandig moet werken.

Iedereen heeft andere kwaliteiten, dat waar iemand beter in is en meer energie van krijgt. Het een is niet belangrijker dan het ander, en beide zijn nodig, maar het is wel bepalend voor het ritme dat het beste bij je past, en dus ook wat je stress geeft en wat niet.

Schema van de vier natuurkwaliteiten warm, koud, droog en vochtig en hun onderlinge assen

Ook eerdere ervaringen die hebben gezorgd voor een onveilig gevoel kunnen bij een nieuwe ervaring die erop lijkt een trigger vormen, waardoor het lichaam in de stressstand gaat en de sympathicus wordt geactiveerd.

Het probleem ontstaat wanneer deze stress te lang aanhoudt en niet meer kortdurend is. Je lichaam blijft dan in een lichte overlevingsstand. Zelfs wanneer je op de bank zit of probeert te ontspannen, kan je systeem intern nog “aan” staan.

Wat bijvoorbeeld dieren instinctmatig al doen, is trillen of shaken, om zo de stress los te schudden voordat ze weer verder kunnen. Dat zie je bijvoorbeeld bij een antilope nadat hij een aanval van een roofdier heeft overleefd, maar ook bij honden.

Langdurige stress betekent dus niet alleen dat je veel aan je hoofd hebt. Het betekent dat je zenuwstelsel weinig ruimte krijgt om terug te schakelen naar rust, waardoor je alertheid, een gejaagd gevoel, onrust of vermoeidheid kunt ervaren.

Deze balans tussen actie en rust hebben we allebei nodig.


Veelvoorkomende symptomen van stress in het lichaam

Stress uit zich bij iedereen anders, maar er zijn terugkerende patronen. Veel voorkomende lichamelijke stressklachten zijn:

    gespannen nek en schouderspieren

    hoofdpijn of druk op het hoofd

    oppervlakkige ademhaling

    moeite met concentreren

    slecht inslapen of doorslapen

    vermoeidheid ondanks voldoende slaap

    buikklachten of een opgeblazen gevoel

    een opgejaagd gevoel

Misschien herken je een aantal van deze signalen bij jezelf. Dat kan een uitnodiging zijn om te onderzoeken wat jouw lichaam probeert te vertellen.

Sommige mensen merken vooral fysieke signalen. Anderen ervaren eerder mentale onrust of emotionele gevoeligheid. In werkelijkheid hangen deze lagen met elkaar samen.

Als stress zich langere tijd opstapelt, heeft het lichaam meer moeite om te ontspannen.


Waarom rust nemen soms niet genoeg is

Veel mensen proberen stress te compenseren met rustmomenten. Een avond op de bank, een vrije dag, een vakantie. Toch merken ze dat ze niet werkelijk opladen.

Dat komt doordat herstel niet alleen gaat over tijd, maar ook over veiligheid.

Je parasympathische zenuwstelsel, het deel dat zorgt voor ontspanning en herstel, wordt pas actief wanneer je lichaam zich veilig voelt.

Wanneer je gewend bent geraakt aan alertheid, kan stilzitten zelfs onrustig voelen.

Dit kan heel onwennig voelen. Sommige mensen herkennen dat ze pas écht moe worden wanneer ze proberen te ontspannen. Omdat je dan het lichaam voelt en pas echt merkt hoe moe je werkelijk bent.

Bijvoorbeeld wanneer je in slaap valt tijdens een meditatie of massage, of misschien zelfs tijdens de eindontspanning van de yoga.

Je lichaam heeft tijd nodig, veiligheid nodig, rust nodig én actie nodig.


Wat bedoel ik met rust?

Ik bedoel met rust niet dat je op de bank moet zitten en niet mag bewegen. Ik bedoel ook niet dat je op de bank zit en een actiefilm kijkt.

Rust betekent niet dat je helemaal niets mag doen, maar het betekent ook niet dat je afleiding zoekt in andere dingen.

In de rust ben je met jezelf, en wat je dan doet maakt niet uit.

Iets waar je van oplaadt, iets waar je zin in hebt. Dat kan voor de een zijn om even een kopje thee te drinken in de zon, tekenen of een stukje wandelen, en voor de ander kan het bijvoorbeeld hardlopen, zwemmen of dansen zijn.

Hier geldt ook weer hetzelfde: rust ziet er voor iedereen anders uit.

Soms wordt mediteren gezien als rust. Maar wanneer je dat doet omdat je denkt dat je het moet doen om rust te krijgen, terwijl het totaal niet bij je past, geeft het je eerder stress.

Jij bent niet de ander.

Wat geeft jou rust?


Stress en jezelf voorbijlopen

Langdurige stress ontstaat dus niet alleen door externe druk. Het kan ook ontstaan door interne patronen. Vaak zijn mensen die zich herkennen in stressklachten gewend om veel verantwoordelijkheid te dragen. Ze voelen feilloos aan wat anderen nodig hebben en passen zich gemakkelijk aan.

Dat lijkt een kwaliteit, maar het kan energie kosten wanneer je eigen grenzen minder duidelijk worden. Je bent (onbewust) steeds bezig met de buitenwereld en daarop aan het anticiperen, terwijl dit ook veel energie vraagt. Je lichaam registreert die voortdurende afstemming op de buitenwereld. Wanneer je dan weinig ruimte neemt voor je eigen ritme en behoeften, blijft je lichaam “aan” staan. Stress is dan niet alleen een reactie op de omgeving, maar kan ook worden versterkt door de verplichtingen die je jezelf oplegt en de signalen van je lichaam die je negeert. Wanneer je vooral afgestemd bent op de buitenwereld, kan het moeilijker worden om te voelen wat je zelf nodig hebt.


Hoe herstel van stress begint

Herstel van langdurige stress vraagt een bredere benadering dan alleen ontspanningstechnieken. Het begint met bewustwording van wat je lichaam laat zien. Met bewust worden waar je stress van krijgt en waar je eigen ritme ligt.

Een aantal belangrijke pijlers in herstel zijn:

1. Herkennen van je signalen

Leren voelen wanneer stress oploopt en welke situaties hiervoor zorgen. Is het extern of intern?

2. Reguleren van je zenuwstelsel

Ademhaling, het volgen van je eigen ritme, wandelen in de natuur en lichaamsgerichte oefeningen kunnen je ondersteunen.

3. Grenzen leren voelen in je lichaam

Niet alleen rationeel “nee” zeggen, maar lichamelijk leren herkennen wat te veel is. Op welke manier lukt het je om je eigen ritme te volgen?

4. Ondersteuning van het lichaam

Binnen de natuurgeneeskunde en kruidengeneeskunde wordt gekeken naar ondersteuning van het zenuwstelsel en de organen die betrokken zijn bij stressregulatie. Kruiden kunnen hierbij ondersteunend werken, altijd afgestemd op de persoon als geheel.

Het is een proces waarin je lichaam opnieuw mag ervaren dat het veilig is om te ontspannen.


Wanneer stress zich uit in vermoeidheid

Langdurige stress kan uiteindelijk omslaan in uitputting. Wanneer je systeem te lang in actiestand heeft gestaan, raakt het uitgeput. Dit kan zich uiten in vermoeidheid die niet verdwijnt met een paar nachten goed slapen.

Veel mensen zoeken in deze fase naar een medische verklaring. Wanneer die uitblijft, kan dat onzeker maken en frustrerend zijn. Toch is het belangrijk om te begrijpen dat het lichaam niet tegen je werkt, maar er alles aan doet om te functioneren. Je lichaam geeft je signalen en heeft het beste met je voor.

Vermoeidheid kan een signaal zijn van het lichaam dat het tijd is om naar je ritme te kijken.

Het kan bijvoorbeeld ook veel energie kosten wanneer je werk doet dat niet vanuit je eigen energie komt. Wanneer iets voortdurend tegen je eigen ritme ingaat, kost dat energie.

Er zijn altijd dingen waar we meer of minder energie van krijgen, en kortdurend kan dat prima zijn. Maar wanneer dit langere tijd aanhoudt, kost het je juist energie.

Wanneer je werkt of actief bent vanuit je eigen ritme, gaat het vaak moeitelozer en werkt het ook aanstekelijk bij anderen. Dan heb je vaak nog energie aan het einde van de dag. Je enthousiasme, energie en innerlijke vuur worden dan groter.

Dus vanuit welk ritme, op welke manier, krijg jij energie?


Veiligheid als basis voor herstel

De kern van stressherstel ligt in veiligheid. Niet alleen fysieke veiligheid, maar ook emotionele en innerlijke veiligheid. Je lichaam moet ervaren dat het niet voortdurend hoeft te presteren, aan te passen of alert te zijn.

Dat betekent vertragen. Luisteren. Grenzen onderzoeken. En soms ook erkennen dat je langere tijd meer hebt gedragen dan gezond was.

Wanneer je leert samenwerken met je lichaam in plaats van ertegen te vechten, ontstaat er ruimte voor herstel. Vanuit afstemming met je lichaam en met jezelf kun je de verbinding met de wereld aangaan zonder dat je uitgeput hoeft te zijn.

Als je jezelf kunt zijn en in je eigen ritme kunt leven, levert dat juist energie op.